Gezondheidzorg

U bent hier

Inleiding: 

Wat verstaan we onder gezondheidszorg

In België is de gezondheidszorg geregeld volgens verschillende ‘lijnen’. Dit wil zeggen dat er zorgverlening verstrekt wordt op verschillende niveaus van specialisatie. De scheiding tussen deze lijnen is echter niet duidelijk te maken en hangt vaak af van de perceptie van de zorg door de zorgverleners zelf.

Onder ‘eerste lijn’ wordt de basisgezondheidszorg verstaan die buiten de muren van een ziekenhuis aan een zorgbehoevende verstrekt wordt. Het betreft dus de zorgen verschaft door een huisarts, verpleegkundige, kinesist, tandarts,...

Onder ‘tweede lijn’ verstaan we de tot op zekere hoogte gespecialiseerde zorg. Deze gespecialiseerde zorg wordt vaak in een ziekenhuis verschaft, maar er zijn ook veel zorgverleners die buiten de muren van het ziekenhuis hun diensten aanbieden. Er bestaan een 30-tal verschillende specialisaties (kinderartsen, gynaecologen, hart-, long-, nier-, huid-, neus-keel-oor etc specialisten)

De ‘derde lijn’ is de ‘supergespecialiseerde’ zorg. Dit is zorg die geleverd wordt in een aantal centra door specialisten die een bijkomende opleiding volgden. Enkele voorbeelden zijn: vruchtbaarheidsbehandeling, complexe revalidatie na ongevallen, gespecialiseerde hart- en andere ingrepen, orgaantransplantaties, genetisch onderzoek,...

Er wordt ook soms gesproken van de ‘nulde lijn’, de zorgverleners en diensten die zich op deze lijn profileren, bieden dienstverlening aan met een zo laag mogelijke drempel. Een voorbeeld hiervan is de mantelzorg, maar ook crisiscentra geven aan zich op de nulde lijn te situeren. Zij willen immers zorgverlening zonder drempels aanbieden, zoals bijvoorbeeld telefonische hulpverlening waar men ook anoniem een vraag kan stellen.

Dringende hulp

‘Dringende hulp’ omvat de diensten die toegespitst zijn op het verlenen van dringende hulp en hulp buiten de normale werkuren van artsen en andere voorzieningen. U kan er bijvoorbeeld de wachtdiensten terugvinden alsook telefonische hulplijnen met een 24 uur dienstverlening. Voor dringende gevallen kan u ook steeds uw huisarts contacteren. Heeft u nog geen huisarts, dan kan u in de databank op zoek gaan naar naar een huisarts in uw buurt.

Huisarts

De huisarts is een vertrouwenspersoon die men kan raadplegen voor alle problemen in verband met gezondheid. Dit kunnen dus zowel lichamelijke als sociale, psychische, mentale of geestelijke moeilijkheden zijn. Men gaat bij voorkeur altijd naar dezelfde huisarts, zo heeft de arts een goed overzicht over de totale gezondheidstoestand en het medische verleden van de persoon. Op die manier is hij het best geplaatst om indien nodig naar de passende zorgverlener of specialist door te verwijzen. Indien je kiest voor een vaste huisarts kan je hem vragen een Globaal Medisch Dossier (GMD) aan te leggen. De huisarts is een coach die je wegwijs kan maken in de wereld van de gezondheid en de gezondheidszorg. Aarzel dus zeker niet om aan hem/haar uw vragen te stellen.

Bereikbaarheid van de huisarts:

  • tijdens de vrije spreekuren: deze verschillen van arts tot arts en hangen uit aan het kabinet van de arts
  • op afspraak
  • men kan aan de dokter ook vragen om op huisbezoek te komen als men te ziek is en de verplaatsing naar het consultatiebureau van de arts niet kan maken.

Er zijn momenten dat de huisarts niet werkt, bijvoorbeeld in het weekend en op feestdagen. Dan kan men voor dringende gevallen altijd beroep doen op de wachtdienst. Huisartsen groeperen zich en zorgen er via de wachtdienst voor dat er toch telkens een dokter bereikbaar is. De huisarts zal er op die momenten voor zorgen dat zijn patiënten via het antwoordapparaat horen hoe zij de wachtdienst kunnen bereiken.

Basisgezondheidszorg

De basisgezondheidszorg of eerstelijnsgezondheidszorg is toegankelijk voor iedereen en er wordt getracht deze zorg zo betaalbaar mogelijk te houden. Ze wil dus de drempel zo laag mogelijk houden en nauw aansluiten bij de dagelijkse bekommernissen van mensen. Binnen de eerstelijnsgezondheidszorg is de huisarts de spilfiguur, daarnaast zijn er nog andere beroepsgroepen zoals kinesisten, tandartsen, thuisverpleging, maatschappelijk werkers, … De basisgezondheidszorg kan uitgebreid worden met een hospitalisatieverzekering
Behalve in een aantal uitzonderlijke gevallen, moet de patiënt het doktersbezoek onmiddellijk betalen. Later betaalt het ziekenfonds of een verzekeringsmaatschappij het grootste deel van de kosten terug. De patiënt moet de kostprijs van de zorg dus voorschieten. In België is gezondheidszorg echter een mensenrecht, zelfs als je geen geldige verblijfsvergunning hebt en over te weinig financiële middelen beschikt, kan je altijd medische hulp krijgen. Onder andere via de diensten van het OCMW kunnen deze personen geholpen worden. In België raadpleegt men éérst de huisarts. Deze zal de patiënt dan verder doorverwijzen indien hij dat nodig acht.

Zorgverleners

Apotheker
Dermatoloog - Huidarts
Diëtist
Ergotherapeut
Gynaecoloog - Vrouwenarts
Huisarts
Kinesitherapeut
Logopedist
Maatschappelijk werker
Oftalmoloog - Oogarts
Pediater - Kinderarts
Podoloog
Psycholoog
Tandarts
Verpleegkundige
Vroedvrouw - Vroedman

Griep

Inleiding
Wat is griep?
Hoe verspreidt het influenzavirus zich?
Hoe ernstig is griep?
Waarom vaccineren tegen griep?
Wanneer vaccineren?
Voor wie is griepvaccinatie aan te raden?
Wie wordt het best niet gevaccineerd?
Aan wie wordt het griepvaccin terugbetaald?
Kan het vaccin ongewenste effecten veroorzaken?
Kan het vaccin griep veroorzaken?
Hoe moet u het vaccin bewaren?
Welke maatregelen kunt u nemen om de verspreiding van het influenzavirus tegen te gaan?
Zijn antivirale middelen nuttig bij griep?
Meer informatie

 
Inleiding

Elk jaar krijgen meer dan 285.000 Belgen griep. Na enkele dagen zijn de meeste mensen er vanzelf van genezen. Toch kan griep bij sommige risicogroepen ernstige gevolgen hebben. Vaccinatie is de enige manier om zich tegen griep en vooral de gevolgen ervan te beschermen. Om risicogroepen aan te sporen om zich tegen griep te laten vaccineren, lanceert het Vlaams Griepplatform en de Vlaamse overheid in samenwerking met de Vlaamse Logo’s elk jaar een griepcampagne.

 
Wat is griep?

Griep is een ziekte die wordt veroorzaakt door het influenzavirus. Die wordt opgedeeld in verschillende types en subtypes. Bij mensen wordt griep veroorzaakt door de influenzavirussen type A, B en C. Vooral Type A - dat nog opgedeeld wordt in subtype H en N - veroorzaakt de meeste ziekte- en sterftegevallen. In de loop van de evolutie heeft zich uit het type A een type B-variant ontwikkeld. Dat heeft zich bijna uitsluitend verder bij de mens gekoloniseerd. Type C is medisch gezien niet van groot belang. Sinds 1968 worden de meeste epidemieën van seizoensgriep veroorzaakt door A/H3N2-subtypes.

 

Hoe verspreidt het influenzavirus zich?

Op het noordelijk halfrond treft influenza de meeste mensen tussen november en april. Op het zuidelijke halfrond is dat tussen april en november. In tropische gebieden blijft griep het hele jaar door sluimeren. Wanneer de jaarlijkse griepepidemie precies begint, is niet voorspelbaar. De epidemie duurt gemiddeld 8 weken. Hoe erg een griepepidemie is en hoeveel mensen ziek worden, kan men onmogelijk voorspellen. Gemiddeld treft griep tijdens een epidemie ongeveer 5 tot 10% van de bevolking. Bij ernstige epidemieën kan dat oplopen tot 30%. Het influenzavirus wordt heel gemakkelijk via druppeltjes in de lucht overgedragen. Hebt u griep, dan kunt u bij het hoesten of niezen mensen in uw directe omgeving besmetten. Infectie door besmette handen of voorwerpen (bv. na aanraken van deurknoppen, telefoon, toetsenborden) speelt waarschijnlijk een veel kleinere rol. Besmetting vindt meestal plaats in gesloten, drukbezochte ruimten (zoals kantoor, openbaar vervoer, school, werkplaats). Griep komt het meest voor in de leeftijdsgroep van 0-5 jaar (20-50%). Een infectie bij deze kinderen kan op de andere gezinsleden worden overgedragen.

 

Hoe ernstig is griep?

Als er geen complicaties optreden bent u na ongeveer één week genezen. Toch is griep geen banale aandoening. Hoewel ze bij de meeste gezonde personen zonder veel erg verloopt, kunnen bij ongeveer 10 % van de grieppatiënten complicaties van vooral de luchtwegen optreden. Ongeveer 10% van deze mensen moet gehospitaliseerd worden. Een dodelijke afloop is niet uit te sluiten. Zeker niet bij ouderen die samen met chronische zieken het grootste risico lopen. Ook zuigelingen hebben een grotere kans op een ernstig verloop van de ziekte.

 

Waarom vaccineren tegen griep?

Jaarlijkse griepvaccinatie is de enige manier om griep te voorkomen of om zich tegen de gevolgen ervan te beschermen. Het vaccin bevat niet-levende deeltjes van de belangrijkste influenzastammen die tijdens het jaar wereldwijd circuleren. Elk jaar zijn er andere griepvirussen, en krijgt het griepvaccin dus een andere samenstelling, afgestemd op de virussen die naar verwachting de komende winter veel zullen voorkomen. Daarom moet men zich elk jaar opnieuw laten vaccineren. Het is mogelijk dat u ondanks vaccinatie toch griep krijgt. De kans daartoe verkleint naarmate u jonger bent. Bij 65-plussers beschermt het vaccin minder tegen griep. Wel verloopt de ziekte mindere ernstig en leidt ze minder vaak tot een opname in het ziekenhuis of tot sterfte. De hoeveelheid antilichamen na de vaccinatie neemt in de loop van de tijd af. Op een gegeven moment zijn er te weinig antilichamen die adequate bescherming bieden. De bescherming die het vaccin biedt, is dus slechts tijdelijk. Na een half jaar tot één jaar is het vaccin meestal uitgewerkt. Het griepvirus verandert zich snel en regelmatig. De bescherming die we door eerdere infecties of vaccinatie verkregen, werkt niet noodzakelijk tegen die nieuwe varianten. Jaarlijkse vaccinatie met de op dat moment circulerende virusstammen is dus noodzakelijk voor een voldoende bescherming.

 

Wanneer vaccineren?

De ideale periode van inenting ligt tussen 15 oktober en 15 november. Maar u kunt al vanaf september beginnen met vaccineren. Vaccineren blijft zinvol zolang het griepseizoen niet gestart is. De vorming van antistoffen begint na ongeveer een week, bereikt een maximum na vier weken, en blijft bij gezonde personen ongeveer 24 weken op peil.

 

Voor wie is griepvaccinatie aan te raden?

Vaccinatie wordt vooral aangeraden voor bepaalde risicogroepen die bij een infectie een verhoogde kans hebben op ernstige complicaties, en voor mensen die samenleven met of risicopersonen verzorgen.
De Hoge Gezondheidsraad beveelt vaccinatie tegen griep aan voor de volgende groepen:

Groep 1: personen met risico voor complicaties, zoals:

zwangere vrouwen in het tweede of derde trimester van hun zwangerschap op het ogenblik van het griepseizoen,,vaccinatie vanaf het tweede trimester van de zwangerschap;
iedereen vanaf de leeftijd van 6 maanden die lijdt aan een onderliggende chronische aandoening (longen, hart, lever, nieren, metabool (inclusief diabetes), neuromusculair of immuniteit); • alle personen vanaf 65 jaar;
alle personen die in een instelling opgenomen zijn; • kinderen tussen 6 maanden en 18 jaar die een langdurige aspirinetherapie ondergaan.

Groep 2: alle personen werkzaam in de gezondheidssector

Groep 3: personen die onder hetzelfde dak wonen zoals:

de risicopersonen van groep 1;
kinderen jonger dan 6 maanden.

 

Wie wordt het best niet gevaccineerd?

Vaccinatie is niet aangewezen voor personen die allergisch kunnen reageren op bestanddelen van het vaccin of op een van de bestanddelen waarvan heel kleine sporen in het vaccin aanwezig zijn. Vaak aangehaald voorbeeld hiervan is allergie voor ei- of kippenproteïne.

 

Aan wie wordt het griepvaccin terugbetaald?

Aan risicogroepen wordt het vaccin gedeeltelijk terugbetaald (40%). Voor personen die in gesubsidieerde woonzorgcentra (RVT’s en rusthuizen) verblijven, wordt het vaccin in Vlaanderen gratis ter beschikking gesteld. Vaccinatoren die werken in woonzorgcentra kunnen de vaccins via Vaccinnet bestellen.

 

Kan het vaccin ongewenste effecten veroorzaken?

De neveneffecten zijn vaak mild en gaan snel voorbij. Rond de injectieplaats kan wat pijn, zwelling of roodheid optreden. Soms wordt koorts, onpasselijkheid en wat spierpijn gemeld.

 

Kan het vaccin griep veroorzaken?

De griepvaccinatie bevat geen levend virus en kan dus geen griep veroorzaken. Als kort na een griepvaccinatie toch griep optreedt, dan bent u waarschijnlijk kort voor of na de inenting besmet. Al of niet met een ander (griep)virus.

 
Hoe moet u het vaccin bewaren?

Het griepvaccin moet u koel bewaren. Dat betekent tussen 2 en 8 °C. Het is aangewezen de vaccins te bewaren in het centrale gedeelte van de koelkast, voldoende verwijderd van het koelelement achteraan. In de deur treden te veel en te grote temperatuursschommelingen op. Om te vermijden dat de koudeketen verbroken wordt, moet u het vaccin onmiddellijk na aankoop in de koelkast leggen.

 

Welke maatregelen kunt u nemen om de verspreiding van het influenzavirus tegen te gaan?

Een aantal eenvoudige voorzorgsmaatregelen helpen om verspreiding van het virus tegen te gaan en het aantal zieken te beperken. Influenza verspreidt zich via de lucht en daarna via handen, deurknoppen en andere voorwerpen. Daarom zijn algemene hygiënemaatregelen zoals handen wassen, hygiëne bij voedselbereiding, en drank, nies- of hoesthygiëne, nuttig. Het is gebleken dat de kans op besmetting vooral verkleint, als u enkele keren per dag uw handen met water en zeep wast.
Volgende hygiënemaatregelen helpen om griep te voorkomen:

  • Regelmatig de handen reinigen met gewone zeep volstaat. Wrijf goed terwijl je tot 30 telt. Spoel ze daarna goed af en droog ze af. Bij gebrek aan stromend water kunt u alcoholische handgel gebruiken. Reinigende doekjes met alcohol zijn ook doeltreffend.
  • Raak zo min mogelijk uw mond, neus of ogen aan.
  • Gebruik altijd papieren zakdoeken of tissues bij hoesten, niezen of snuiten en gebruik ze maar een keer. Gooi ze daarna in de vuilnisbak en was dan uw handen met water en zeep, of wrijf ze in met handalcohol.
  • Maak regelmatig schoon. Maak harde oppervlakken en voorwerpen, zoals het aanrecht, keukengerei, kranen, deurklinken, trapleuningen en telefoons regelmatig schoon. Doe dit met een normaal schoonmaakmiddel.

 

Zijn antivirale geneesmiddelen nuttig bij griep?

Het preventieve gebruik van antivirale middelen wordt niet aangeraden. Ook niet een veralgemeend gebruik ervan voor de behandeling van griep. Bewijs dat zij ernstige verwikkelingen en het aantal sterfgevallen verminderen is er niet. Deze antivirale geneesmiddelen kunnen de duur van de ziekte en de symptomen ervan wel beperken. Gemiddeld met een dag als de behandeling start binnen 48 uren na de eerste symptomen. Veelvuldig gebruik van antivirale middelen kan leiden tot resistentie tegen bepaalde stammen van het virus, waardoor het geneesmiddel zijn werkzaamheid verliest. Bij risicopersonen kan de arts virusremmers voorschrijven. De behandeling duurt 5 dagen.

 

Meer informatie

Deze tekst is gebaseerd op het Griepdossier waarin u meer informatie vindt. Het Griepdossier een realisatie van het Vlaams Instituut voor Gezondheidspromotie en Ziektepreventie in samenwerking met een ad-hocwerkgroep van het Vlaamse Griepplatform.

Materialen van de griepvaccinatiecampagne kunt u downloaden via de website van Logo Brussel.

Voor meer informatie kunt u terecht bij Logo Brussel, hugo.henneman@vgc.be